Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m

XXXVII D e reis gaat verder.

De muzikale voordrachtskunst van Leonowa en het piano-spel van Modeste vinden steeds weêr waardeering. De ambtenaar, die akten schrijft, is verdwenen. Alleen de musicus bleef. Is de toekomst dan toch niet onder papier en kantoorstof voorgoed begraven? Opgewekt, frisch, moedig zijn de brieven, die hij schrijft aan W. W. Stassow, die zijn hoofd steeds nadrukkelijker over hem schudt, — maar dat weet hij niet, — en dranklucht ruikt, als hij aan den reizenden vriend denkt.

„Een vierspan van overdreven gemaande en gestaarte viervoeters bracht ons hierheen (— naar Jalta, een badplaats aan de Zwarte Zee —); de weg voerde door de vlakte van Baidarki, dan tegen de steile helling op door de beroemde poort en over de hooge rotsketens, — de zon-doorgloeide rotsen schijnen zich in de diepte der zee te storten. — Hier stopte men ons in een stulp, die veel op een aardhol geleek, bevolkt met duizendpooten, die beten, en de een of andere

Sluiten