Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze bevrozen is: maar onze spurrie lacht u toe, als ge ze ziet\ zoo malsch als boter. En het horen heeft wat geleden van de droogte: maar toch, onze Lieve Heer heeft ons gezegend met schoone boekweit en veel vroege pataten. En de Champieter is getrouwd met een meisken Van Pulderbosch, die scheel ziet, maar ze brengt nog al wat mede. — Jan Sus, de metser, is van het dak van den brouwer op den rug van onzen ouden smid gevallen, en de smid ligt voor dood, och arme.”

Het meisje zweeg.

„Is dat nu alles? ’ vroeg de moeder met mismoed. „Zoudt gij hem nu niet laten weten, dat de koe gekalfd heeft?”

„Ah, ja, dit heb ik vergeten Zie, het staat er al. Ons bontje

heeft gekalfd: alles is nog wel vergaan en het kaU is verkocht...”

„Zult gij hem niets zeggen van onze konijnen, Trien?” vroeg de grootvader.

Na geschreven te hebben, las de maagd:

„Grootvader heef t een konijnenkot in den stal gemaakt: ze zijn zoo vet als dassen, maar de grootste voei1) moet blijven leven totdat ge weerkomt, Jan, dan zullen wij nog eens lekker smullen]”2)

Allen schoten in eenen blijden lach; het jongsken, de algemeene vreugde ziende en zelf ontroerd door het woord smullen, klapte juichend in de handen. Maar bij ongeluk ontmoette zijne hand het koffiekoppeken zoo geweldig, dat het over de tafel rolde en de inkt als eene zwarte beek over den schoonen brief uitstortte.

De lach verdween van aller gelaat; men bestaarde elkander bedeesd en zwijgend, men hief handen en oogen ten hemel, terwijl Pauwken, bevreesd voor slagen, op voorhand huilde en kermde, dat de ooren er van scheurden.

Langen tijd werd het kind met verwijtingen overladen, en men

*) Wijfjeskonijn.

2) De brief van Trien was in de oude spelling opgesteld( zooals men lichtelijk denken zal; daarenboven, hij knelde van feilen tegen de spraakkunst. Ziehier het nauwkeurig afschrift van de vier eerste regelen, waarbij men over het gansche oordeelen kan:

„Hoe gaget al medoe gesonthyt, God sy gelooft wy zyn allemol „noch gesont en den os en de k°°y °ock balleve grootvader die sieck „is en wy wense u altesaemen eenen gooijen dag, enz."

Sluiten