Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8. Welke verbindingen ontstaan achtereenvolgens bij wateronttrekking aan ammoniumacetaat?

9. Door welke reacties komt men van o. aethanol tot methaan, b. azijnzuur tot methaan, c. van methaancarbonzuur tot methaancarbonylchloride, d. van azijnzuur tot propanon, e. van aethanol tot aethanol 1 carbonzuur 1?

10. Uit propionylchloride acetylchloride te bereiden.

11. Hoe werken water, een loog en hoe salpeterigzuur op ureum?

12. Hoe werkt salpeterzuur, salpeterigzuur, water, kalkwater op aceetamide? Hoe luiden de vergelijkingen, wanneer men in plaats van aceetamide neemt amino-aceetamide?

13. Hoe kan men uit methaancarbonzuur bereiden methaancarbonamide en hoe uit aminomethaancarbonzuur methanolcarbonzuur?

14. Welke dissociaties ondergaan in waterige oplossing: mierenzuur, oxaalzuur en monochloorazijnzuur?

15. Hoe kan men als aethylacetaat de eenige koolstofverbinding is, waarover men beschikt bereiden: aethyleen, aceton, propanol 2, aminomethaancarbonzuur?

16. Welke overeenkomst en welk verschil in eigenschappen (gedrag tegenover zoutzuur, natronloog en salpeterigzuur) bestaat er tussen aceetamide en een primair amine?

17. Hoe wordt trichloorazijnzuur verkregen en hoe werkt kaliloog op deze verbinding?

18. Uit azijnzuur te bereiden: acetylchloride, hieruit acetylamide, hieruit azijnzuur, hieruit natriumacetaat, hieruit aceetaldlehyde, hieruit alfaoxy-propionzuur.

16. HERHALING.

1. Hoeveel optische isomeren zijn van Ri.CHOH. CHOH. R2 mogelijk ?

2. Welke katalytische processen kent ge in de organische chemie ?

3. Geef een overzicht van de verschillende organische verbindingen, waarin de groep OH voorkomt. Kies van elke soort

Sluiten