Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

Beweging en rust.

Een voorwerp is in beweging t.o.v. (ten opzichte van) een ander voorwerp, als de stand t.o.v. dat andere voorwerp verandert. Als men in een trein zit, is men t.o.v. de wagen in rust, maar t.o.v. het terrein in beweging. Elke beweging moet dus beschouwd worden t.o.v. een lichaam; b.v. de beweging van een pen, waarmee je schrijft, t.o.v. het papier.

In vele gevallen wordt gedacht aan de beweging t.o.v. de aarde: een vallend lichaam, een rijdende trem, een vliegmachine, enz. .

De afstand, die een bewegend lichaam in een bepaalde tijd aflegt, noemt men de snelheid van dat lichaam, b.v. 75 cm per sec, 12 km per uur. In de werktuigkunde schrijft men 75 cm/sec, 12 km/uur.

Wanneer de snelheid van een lichaam niet verandert, zegt men, dat het een regelmatige of eenparige beweging heeft. Is een beweging niet eenparig, dan is hij versneld of vertraagd. Dit kan eenparig versneld of vertraagd zijn en niet-eenparig versneld of vertraagd.

Zulke onregelmatige bewegingen worden niet behandeld.

Overzicht.

Bewegingen

eenparig ' niet-eenparig

versneld vertraagd

eenparig ^niet-eenparig eenparig niet-eenparig versneld versneld vertraagd vertraagd.

Sluiten