Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ยง7.

Momenten.

Een man loopt op een duikplank. Hoe verder hij van de kant af komt (zie fig. 11), hoe verder de plank doorbuigt. Komt dit, omdat de op de plank uitgeoefende kracht groter wordt? Neen, want die kracht (gewicht van den man) blijft gelijk. De uitwerking van een kracht is dus niet alleen afhankelijk van de grootte van de kracht. Dit kunnen we ook opmerken bij weegwerktuigen, waar men met een verschuifbaar voorwerp het gewicht bepaalt.

Uit ervaring blijkt, dat de uitwerking van een kracht t.o.v. een punt afhankelijk is van de grootte van de kracht en de (loodrechte) afstand van dat punt tot de krachtlijn. Het produkt van die kracht en die afstand noemt men het moment *) van die kracht t.o.v. het punt.

Moment = kracht X afstand, loodrecht op de kracht.

M = K X a

Is de kracht 8 kg en de afstand 5 m, dan is het moment 8 kg X 5 m = 40 kgm.

*) M = moment = molnentum = beweegkracht.

Sluiten