Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

z'n jol. Daar staat de schipper van de Gesina bij, heel niet manhaftig onder z'n hooge zije. Marius staat er ook bij en Cato staat er ook bij tusschen twee schippers, die in de familie zijn van de vrouw. En Cato heeft al het werk laten stil leggen. Daarom staat het werkvolk, met de zeilen petten in de hand, beleefd op een rij aan den wallekant. Alles staat daar en geen enkel werkgerucht komt van de werf. Dat is vreemd op een door-den-weekschen dag. Het is nu goed waar te nemen, dat haar werf eigenlijk maar een stuk van den koepolder is, een beet uit het stille land.

Het is hier zoo stil als bij een brandend huis in den nacht. Dan knapt dof het vuur de stilte in, hier groeit de stilte op 't dof geluid der stappende mannen, die de kist dragen naar de jol. En daar vaart de vrouw van de Gesina, haar laatste vaart. Drie forsche riemslagen en verder drijft de jol vanzelf naar den oever. Aan de overzij staat de rouwstoet klaar. De kist wordt geheven, schuift in de lijkkoets, het is voorbij.

En Cato luidt de bel, het werk wordt hervat. Dat was daar een extra schaft en het loon gaat door. Ieder uur item zooveel. Ze stonden daar wel beleefd en treffelijk, met hun petjes in de hand, maar ze stonden. En de dag draait toch. Ze kijkt nog eens om naar de Gezina; daar zit al dat grut bijeen met een tante. Het heeft er hoegenaamd geen weet van, wat er is gebeurd. Ze zijn nog te pril en bekommernissen hebben er geen vat op. Het is anders wel een goeie bodem die Gezina; nog drie dagen de hare. Want zoolang er niet betaald is, blijft het haar schuit, op haar werf. En omdat er vandaag toch zooveel familie over is, broers met ringbaarden en zwagerbroers met ringbaarden, daarom is het krek een uitgelezen dag om daarover te beginnen. Het karwei is begroot op twaalfhonderd, 't zal af en af betaald zijn met elf honderd dertig harde guldens. En dan rekent ze al dat verlet van de laatste dagen nog maar niet, daaraan heeft niemand schuld. Een bom geld is het niet, maar t is toch een mooie hand vol. En voor zooverre ze er kijk op heeft, is de schipper van de Gezina vandaag den dag rijker aan goeien wil, dan aan goed geld. Veel heeft hij in deze

Sluiten