Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat de dramatische techniek aangaat, mag het stuk ons thans vrij onbeholpen voorkomen. Toch schijnt de dichter wel een bepaalde conceptie voor ogen te hebben gehad. De handeling wordt inderdaad beurtelings verplaatst naar het verblijf van de hoofdpersonen, Esmoreit en Damiet, van Sicilië naar Damascus en omgekeerd, om te eindigen waar zij begint, in Sicilië. Toeval is dit wel niet, daar ook twee andere abele spelen, de Gloriant en de Lancéloet, op dezelfde wijze zijn gebouwd. Voor het overige moeten de technische onbeholpenheden den dichter niet al te zwaar worden aangerekend. Die hangen samen met de geringe ontwikkeling der toneelkunst in die tijd x).

Wijze van vertoning. Wat we aangaande de plaats en wijze van vertoning dezer stukken weten en vermoeden, is hoofdzakelijk afgeleid uit oude grafelijke en stedelijke rekeningen benevens enkele aanwijzingen in de teksten zelve. De Esmoreit kan zijn opgevoerd door „ghesellen van den spele”, toneelspelers van beroep, die zich als menestrelen, sprooksprekers, vinders tot een soort van gilde vereenigden en zowel aan de hoven der vorsten of op de kastelen van de adel als in de voorname steden hun kunst ten beste gaven. Men zal de belangrijkheid van hun bestaan gevoelen, als men overweegt, dat er in die tijd nog bitter weinig gelezen werd, zodat deze lieden, onder wie stellig personen van grote kunstenaarsbegaafdheid werden aangetroffen, de voornaamste bemiddelaars waren, door welke edelen en poorters letterkundig genot leerden smaken. Zowel mannen als vrouwen vormden het publiek, doch in het stuk werden de vrouwenrollen vermoedelijk toen nog door mannen gespeeld. De voorstelling vond plaats, hetzij in een daartoe opzettelijk gehuurd huis of op een getimmerte, dat op de markt werd opgeslagen, soms niet eens overdekt.

De inrichting van het toneel was vermoedelijk vrij primitief.

x) [Deze alinea werd lioht gewijzigd naar mijn Beschouwingen over de abele spelen.

R. V.]

Sluiten