Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aanvankelijk is deze rechtspraak geheel in het adatrecht geregeld. Doch toen de invloed van het europeesch bestuur en der zelfbesturen zich in deze streken deed gelden, werd de regeling van de dorpsrechtspraak in zelfbestuursverordeningen vastgelegd. *)

Ook voor de dorpsrechtspraak geldt, zooals in de politieke contracten en in de zelfbestuursregelen in het algemeen voor de zelfbestuursrechtspraak is bepaald, dat zij geschiedt volgens de bestaande volksinstellingen en gebruiken. Dit komt in de bedoelde verordeningen dan ook tot uiting, het duidelijkst in die van Deli en de Simeloengoensche landschappen. Zij bepalen dat de dorpsrechtbanken, behalve burgerlijke zaken, ook overtredingzaken behandelen, waarop volgend den adat der batakd geen hooger boete is gesteld dan van f 4,—• (vier grilden). Hier wordt dus geen ander recht toegepast dan het adatrecht.

In hoofdzaak is de dorpsrechtspraak geregeld als volgt.

In de Karosche en Simeloengoensche landschappen wordt de dorpsrechtspraak uitgeoefend door een dorpsrechtbank, waarvan de wijkhoofden (panghoeloe's kesain) bijgestaan door hun adatborgen (anak beroe en senina) lid zijn. Bestaat het dorp slechts uit één wijk, dan is het wijkhoofd alleensprekend rechter. Het oudste wijkhoofd is voorzitter. Zijn er meerdere wijkhoofden van gelijke anciënniteit, dan zijn zij om de beurt voorzitter.

i) Deli:1909.

Si mei oengoen: 20 Maart 1910.

Karolanden: 18 Februari 1928; zie Adafrechtbundel 38, blz. 467 e.v. De zelfbestuursverordening van Serdang is niet gepubliceerd.

Sluiten