Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Wanneer de schuldenaar in bovenvermeld geval een eisch tegen den schuldeischer instelt tot vergoeding van kosten en schaden door hem geleden ten gevolge der beslaglegging, zal de schuldeischer bovendien veroordeeld worden tot het betalen aan den schuldenaar eener zoodanige schadevergoeding als door den rechter zal uitgesproken worden.

Artikel 3

Wanneer iemand bij rechterlijk vonnis tot betaling eener civiele vordering is veroordeeld, zal de veroordeelde het geheele bedrag in het vonnis vermeld moeten voldoen.

Heeft hij daartoe niet voldoende contanten, of bezit hij niet genoeg roerende goederen, waarop de schuld kan worden verhaald, doch bezit hij een aandeel in een tuin, een huis of in poesakagronden, die nog niet tusschen de erfgenamen verdeeld zijn, dan kan de kerapatan in dat geval een commissie van twee leden benoemen teneinde plaatselijk de waarde van het geheele poesakabezit te schatten, teneinde daarop volgens de voorschriften van de adat, ieders aandeel onder de verschillende erfgenamen te bepalen.

De mede-erfgenamen worden alsdan in de gelegenheid gesteld om de waarde van het aan den schuldenaar toegewezen aandeel, aan den schuldeischer uit te betalen, waarop bedoeld aandeel weder poesakabezit wordt van alle medeerfgenamen, die aan die uitbetaling hebben deelgenomen.

Zijn de mede-erfgenamen tot voormelde uitbetaling niet genegen, dan wordt de onverdeelde poesakabezitting door den rechter in het publiek verkocht en de opbrengst daarvan volgens de voorschriften van de adat onder de erfgenamen verdeeld.

Artikel 4

Hij die geld uitleent tegen rente mag daarvoor niet meer berekenen dan één procent 's maands of twaalf procent ’s jaars.

Artikel 5

Wanneer door den geldleener borgtocht of inpandgeving wordt gesteld, moet hij door bewijzen kunnen aantoonen dat het goed, dat tot borgtocht of pand zal moeten strekken, vrij en onbezwaard is.

Sluiten