Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vitringa rookte bedachtzaam. Korte zenuwtrekjes overfronsten vluchtig zijn gezicht, schokten licht om de mond.

Misschien, zei hij zachter; —• misschien word ik het

nog eens... als ik de moed houd, consequent te zijn... Vooropgesteld dan, dat men de belangeloosheid in zichzelf erkent, die daarvoor nodig is — ik bedoel, dat men niet meer gebonden wordt door de angst, wat er van ons terecht zal komen... iets als een heilige onverschilligheid jegens onze positie, en zo...

Hij sprak stokkend en half onwillig, en zweeg eensklaps. Rudmer's gedachten zwiepten onrustig als jonge boompjes in de wind, die tegen zijn wil aan hem ontsnapten. •—- Ken verdeelde, dubbelslachtige triestheid was nog in hem, toen hij afscheid genomen had en alleen door de namiddagstad wandelde, die glinsterendgrijs en schimmig in de winterregen lag.

IV

Er gingen dagen voorbij, waarin Rudmer gedwee college liep en de gevaarlijke echo van Vitringa's woorden begroef en overstapelde met tertulliaanse teksten, bijbelse archaeologie, vergelijkende dogmatiek, kerkhistorie... Het was nieuw, dikwijls boeiend, dikwijls grauw en dor. Maar hij poogde zich in het voorgeschrevene te verliezen, zijn werkzaam verstand en openstaande wezen snel te vullen met de geijkte wetenschap, alsof hij door een opstapeling van deze wijsheid een zwaarte van argumenten verzamelen kon tegen de vernielende stormkracht van Vitringa's betoog.

Hij borrelde en biljartte tussentijds, en zong aria's uit Fra Diavolo, waarbij de hele zangvereniging applaudisseerde. Hij was intelligent en rap van tong en hij had het niet moeilijk met de leeftijdsgenoten, die in hem spoedig de rijzende ster begroetten en dienovereenkomstig eerden en pestten. De bewonderende spotzucht spoorde hem machtig aan; hij viel op, en zwol inwendig van knapentrots. Maar onder de oppervlakkige glans roerde zich steeds weer Rudmer's boerse oprechtheid, de schaamte, dat het een spel was, dat hij volmaakt

Sluiten