Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was, en het huwelijk móést doorgaan, omdat men toch niet zou kunnen toestaan, dat Rudmer daar alleen op die pastorie ging wonen — Maar de bittere werkelijkheid van dit alles was voor haar, dat ze van al haar kinderen verlaten een troosteloze ouderdom tegemoet ging. —

Het waren donkere plekken aan de lichthemel, Egmont's bedekte, kwasiplagende ontmoediging, en mama's met huilbuilen en bedekte verwijten doortogen zelfbeklag. Ruth werd er zenuwachtig geprikkeld onder, en tussen haar en Rudmer dreigden in de bruidstijd de eerste onverklaarbare grilligheden; maar Rudmer doorzag ze, en bewaarde zijn geduld. Als Ruth maar eerst uit huis vandaan wasl

In de zomer van 1903 trouwden ze — in Haarlem. Tjalling en Reinou waren er niet bij. „Ze zagen tegen de reis op"; en het was waar, dat zijn ouders dat voorjaar de boerderij hadden verkocht, omdat Tjalling niet meer mee kon; •— maar Rudmer wist, dat ze de deftige Hollanders vreesden. Het maakte hem korte tijd korzelig jegens zijn nieuwe bloedverwanten; waar stond eigenlijk geschreven, dat deze aristocraten, de arme èn de rijke, zich zover boven de boeren verheven moesten achten? — Hij werd sarcastisch tegen Egmont, die nu den charmanten zwager uithing en zich verwonderd en gekwetst van hem afwendde bij deze aanvallen; hij was tegen mama van een ijzige beleefdheid zonder lach, en de enige keer, dat hij bij oom Julien kwam, en deze een gesprek over het godsdienstig leven der friese Mennisten met hem opende, antwoordde hij zo kort, dat de notaris zich zichtbaar ergerde en het scheen te betreuren, dat hij het jonge paar een antieke staande klok had beloofd... Rudmer leek het kostbare geschenk bijna niet waard]

Rudmer's enige genoegdoening op de bruiloft was de komst van Herre, dien hij als getuige gevraagd had. Neen, Herre was ondanks puntboord en jacquet geen heer, maar hij miste goddank ook het fnuikend minderwaardigheidsbesef van den boer, die nooit van zijn erf komt. Hij bejegende de Hollanders onbelemmerd en frank, en er ging een ruwe wereldkennis van hem uit, die Rudmer als tegenstelling tot de spitse en strakke

Sluiten