Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebruinde hand op de hare; met de andere dreigde hij half schertsend:

■— En nou ik toch hier ben, mevrouwke... in alle eerlijkheid, uw man vertelde me laatst, toen ik hem zo toevallig trof, dat er weer een gezin in de menniste pastorie komt... Nou, geen kleur krijgen, ik vind dat menselijk, ik vind dat mooi, ik zie dat al dertig jaar met plezier, het leven moet niet stilstaan — maar wordt 't geen tijd, eens met den dokter te praten? •—•

De list was gelukt, en Ruth en dokter O... hadden een goed en nuttig gesprek samen. Rudmer was inwendig ijdel op zijn sluwheid; en toen de dokter vertrok, drukten ze hem allebei meer dan eens de hand, en dokter O... klopte Ruth vaderlijk op de rug, en zei met dokkumer tongval en zonder omslachtigheid van het ,,u" op het „jij" overspringend :

—■ Alles komt terecht, kien, alles komt terecht. Ik haal ze al meer dan dertig jaar. Niks geen zorgen maken, je bent als een vis zo gezond. Nou, en ik wip wel weer 'ns aan, als ik langskom. En als er wat is,... niet wachten, maar waarschuwen! •— —■

Ruth keek het dokters wagentje met dankbare ogen na, tot het in schemer en regen verdween; toen draaide ze zich naar Rudmer om en kuste hem lang en stormachtig op de mond.

En nóg eens keerde de trek, die Rudmer zo starhoofdig en onverhoeds had overvallen, toen Ruth nieuwe kleren had willen hebben, bij haar terug. Dat was in Februari, toen Ruth op een avond, waarin ze hem op de studeerkamer gezelschap hield, met het plan kwam, een badkamer in het oude huis te laten maken.

.—• Hoe kom je daar nu ineens bij ? had Rudmer verslagen gevraagd.

—• O, het is niet ineens, legde ze uit; — de hele winter heb ik er over gedacht. Het is immers veel te lastig, dat Froukje al maar water naar boven moet sjouwen. We kunnen

Het rad der fortuin 16

Sluiten