Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mensen, kwam weer de langzame zware droefenis over hem. Het dorp sliep daar voor hem, blauw en doodstil in de vallende nacht. Hij stond op de eerste brug — achter de dwarsvaart lagen de weilanden onafzienbaar, witte damp over de sloten, tot halve manshoogte; daarboven werd het zicht over de verte scherp en helder. Ekke greep de leuning van de geelgeverfde brug en snoof. •—• Het water.

Er was geen sterveling, geen kat. Een schrille koekoek klaagde ver in het rietveld. Tegen de open wal deinde de vaart met sluimerige golfslag. Ekke keek vragend naar de gesloten donkere woningen: niemand waakte meer, geen stallantaarns. Hij liep verder, de hand met het linnen valies woog zwaarder; hij verwisselde het. De schaduwen van de schaarse, gewrongen wilgen lagen roerloos op de bleke klinkers. Hij herinnerde zich elke plek; toch was alles vreemd. De droefenis groeide... wie moest hem hier ontvangen? Hij luisterde naar de gesmoorde botsende schreden van zijn schoenen; zij liepen verder en het was, of hij zelf achterbleef... „Niet binnengaan, niet binnengaan 1" •—• Hij herkende elk huis: daar woonde witte Sjoerd, die zich altijd woedend had opgewonden, als de jongens hem uitscholden; daar was de smederij, de winkel met de lage brede ruiten, de school, de brievengaarderij met een wit plakkaat tegen het vaal glimmend glas... maar zij zwegen, deze hofsteden, het herbergje met de wagenschuur, op elke deur een lettergreep van het opschrift: „Door-reed", de pastorie, hoog met haar witte luiken achter de grasberm, het hek, de lindenrij — — Waarom waren zij zo gesloten alsof hij hun vijand was...?

Ekke's hand, bultig en breed, gleed langs zijn jas, zijn gezicht; hij liep hier, ja, Ekke, de zoon van Jarig Wiarda. Hij kwam terug, uit de woudstreek, waar hij nooit geaard had. De geur van het vochtige land was er weer, de geur van nazomermist, de geur van het stof, die anders rook dan op de zandgrond, de geur rondom de oude kamers en rietdaken; hij zag de populieren, de vaart, waar de plekken kroos licht zichtbaar dreven, het labyrinth der rattengeulen er in ge-

Sluiten