Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heel niet bang. Verder is zij nog vrijwel geheel onzindelijk. De moeder is zeer onder den indruk van de uitspraak van een zenuwarts, die verklaard heeft, dat Jopie lijdende is aan mongoloide idiotie, waartegen niets te beginnen is. Het kind zou later zelfs een school voor buitengewoon onderwijs niet kunnen bezoeken. Inderdaad heeft Jopie epicanthi en is haar uiterlijk mongoloid. Ze maakt echter reeds op het eerste gezicht een intelligenten indruk. Bij binnenkomst zegt ze vroolijk goedendag, loopt rechtstreeks naar een kastje, haalt den sleutel uit het slot, bekijkt hem, steekt hem er weer in en zegt: „(s)leute(l) ope-dich". Ze blijkt zich reeds betrekkelijk goed van de taal te kunnen bedienen, al worden de woorden gebrekkig uitgesproken. Ook de zinsbouw is reeds vrij gecompliceerd. Nauwkeurigheidshalve wordt zij nog op haar ontwikkelingspeil onderzocht met de Bühler-testM. De uitkomsten bevestigen onzen eersten indruk. Ze blijkt zelfs het ontwikkelingspeil te hebben van een ouder kind. Op den dag van het testonderzoek is namelijk haar leeftijd 1 jaar en 360 dagen, terwijl haar ontwikkelingsleeftijd 2 jaar en 6 maanden

bedraagt. Ze heeft dus een ontwikkelingsquotiënt van ruim 1,10. Projecteeren wij de testresultaten, gerangschikt naar de verschillende onderzochte functies, in een graphische voorstelling, zoo blijkt, dat motoriek, socialiteit, leervermogen en materiaalbewerking een peil hebben even boven de 2 jaar gelegen en dat het zeer hooge ontwikkelingsquotiënt te danken is aan de categorie „geestelijke productiviteit", die overeenkomt met die van een kind van ongeveer 3 jaar. Van zwakzinnigheid is bij J o p i e dus allerminst sprake. Over haar eerste ontwikkeling het volgende: Als baby gedroeg zij zich in geenerlei opzicht opvallend. De moeder geeft grif toe, dat ze, vooral in het eerste levensjaar, flink verwend is geweest. Als ze huilde, werd zij opgenomen en de moeder bemoeide zich zeer veel met haar. Het gevolg was, dat zij altijd haar zin wilde doordrijven en met huilen steeds de vervulling van

1)Charlotte Bühler u. Hildegard Hetze r: Kleinkindertests. Barth. Leipzig, 1932.

Sluiten