Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

last van pavor nocturnus, waarbij hij gillend overeind vloog. De laatste weken riep hij daarbij „Nu,nu!". Als hij overdag klappen had gehad, hetgeen sinds hij lastiger geworden was, nogal eens gebeurde, sloop hij 's nachts uit zijn bedje door de steeds op een kier staande tusschendeur naar de kamer van zijn slapende ouders, om hen uit wraak terug te slaan. Alleen wanneer zij sliepen was hij sterker dan zij! Zijn moeder beweerde aanvankelijk, dat zij hem nooit bij zich in bed genomen had. Gedurende het eerste uur zei H e n n y echter

telkens, al spelend: „Als het licht is Aangezien wij van

hem niet te weten konden komen, wat hij daarmee bedoelde, werd dit de moeder gevraagd. Toen bleek, dat hij bijna iederen nacht meermalen huilend vraagt om bij moeder te mogen slapen. Zij antwoordt hierop steeds: „Nog niet, als het licht is, mag je komen" (d.w.z. om zeven uur, zoodra de vader opstaat om naar het werk te gaan). Sinds veertien dagen wordt hij eiken nacht omstreeks drie uur wakker, z.g. om te urineeren. Daarna wil hij niet meer slapen, roept telkens om zijn ouders, vraagt of hij bij hen mag slapen, hetgeen niet toegestaan wordt. Ononderbroken blijft hij daarop huilen, om eerst tegen vijf uur weer in slaap te vallen en zoo laat wakker te worden, dat er geen tijd meer is om nog bij moeder te kunnen liggen. Hij is dan nog doodmoe, ziet er bleek uit, is huilerig, hangerig en heeft geen eetlust. Zoo is de toestand als hij ter behandeling komt. Tegen zijn zusje is hij oppervlakkig beschouwd wel lief. Hij laat zich echter steeds deprecieerend over haar uit: „Pf, ze heef(t) nie-eens tanden. Ze is een jankkind. Ze plast alsmaar in d r broek. Ze kan nie-eens loopen". Toen zijn vader, die met hem voetbalde, hiermee even moest ophouden, om zusje vast te houden, werd H e n n y woedend. Hij begon te huilen en kreeg een aanvalletje. Hij bewondert zijn vader zeer, maar is tevens erg jaloersch op hem. Hij wordt woedend als vader lief tegen moeder of zusje is; als moeder met vader praat, rent hij naar haar toe, tracht haar aandacht op zich te trekken en haar mee te troonen naar zijn speelgoed. Opvallend is ook, dat hij zich geheel gedraagt als een volwassen man: hij loopt met veel te groote, zware passen, zijn handen in de zakken van zijn kuitbroekje (zijn moeder kleedt hem wat

Sluiten