Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verder. Terwijl de moederpop aldus verbannen is om opgegeten te worden door de wilde dieren, geeft zij aan een kleiner popje haar eigen naam. Deze Nellie-pop, die nu de rol van huismoeder op zich neemt, stopt ze dadelijk met twee vaderpoppen in bed, zeggend: „Dat is een vader en die ook; 't is donker", waarna ze de luiken dicht doet. Terwijl alles slaapt, zegt ze, op twee in de aangrenzende poppenkamer slapende popjes wijzend: „Gerrit en Mientje (haar oudere broer en zusje) slapen ook. Die droomen van leelijke beesten en die huilen. Móéder moet in den stal blijven met de deuren op slot!" Hierop is ineens een van de twee naast de Nellie-pop liggende vaders stout. „Die moet bij moeder in den stal", zegt ze, „maar déze blijft bij Nellie". Ze beschouwt de situatie eenige seconden zwijgend en verkondigt dan: „Nou is het weer licht, nou moeten ze opstaan". De Nellie-pop staat op en zet de ramen open. Een heel klein popje, dat ze naar haar zusje van 1 y2 jaar Ali noemt, is nat en wordt gewasschen en verschoond. De kippen worden ook gewasschen. Mien, Gerrit en Nellie zelf, gaan naar de poppen-w.c., bestaande uit een lucifersdoosje met een gaatje erin en gevuld met stukjes klei. Dan gaat de Nellie-pop naar de vader-pop toe, schudt hem wakker en zegt: „Je moet opstaan". Vader-pop antwoordt met een basstem: „Ik heb nog zoo'n slaap!". „Niks hoor", zegt met een hooge stem moeder-Nel, „je moet opstaan, je ankleje en je jas an doen". Intusschen stoft moeder-Nel de meubels af, maakt de bedden op, doet boodschappen. Bij haar thuiskomst vertroetelt en zoent ze de in weerwil van haar bevelen toch nog te bed liggende vader-pop: „Nou, je mag dan nog we! wat blijven liggen, hoor!" zegt ze. Daarna haalt moeder-Nel de verbannen moeder-pop en den ,stouten' vader uit den stal, zet die twee echter samen niet In, maar naast de poppenwoning neer en gaat zelf door met het huishouden. Aangezien het uur bijna om was, hebben wij haar geduid, dat ze eigenlijk haar eigen moeder net zoo weg wil sturen, om vader voor zich alleen te hebben, het huishouden voor hem te doen en voor Mien, Gerrit en Ali te zorgen. Ze antwoordt hierop niets, blijft stil naar de poppenfamilie kijken, trekt een kleedje recht, verzet een poppenstoeltje en staat op om met haar moeder naar huis te gaan.

Sluiten