Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

werkgever te zijn. De beide eerste motieven, die ik ook nog bij het 7e bezwaar wil bespreken, zijn uiteraard te verwerpen.

De politieke of sociaal-economische opvattingen zal ieder naar eigen inzicht moeten beoordeelen. Berusten zij op een eerlijke overtuiging, zoo kan men ze niet moreel verwerpelijk achten, ook indien men die overtuiging niet deelt en de opvattingen zelf niet juist acht.

Voornamelijk is hier te denken aan de in socialistische kringen, doch niet alleen daar ]) gehuldigde opvatting, dat verhooging van loonen voor het geheele economische leven wenschelijk is, en voorts aan dezgn. „optrek"-theorie, die in vakvereenigings kringen wel wordt aangehangen. Volgens deze laatste zou het loonpeil in de particuliere bedrijven gunstig kunnen worden beïnvloed door een verhooging van de loonen der gemeentewerklieden, waaraan de loonen in het particuliere bedrijf zich zouden kunnen „optrekken . Elke waarde zou ik aan deze opvatting niet willen ontzeggen: hoogere loonen van een talrijk gemeentepersoneel kunnen het levenspeil van de geheele arbeidersklasse in een gemeente en daarmede den prijs, dien de werknemers voor hun arbeidskracht vragen, beïnvloeden. Hoe deze invloed echter zal werken, zal daarvan afhangen of de particuliere bedrijven economisch in staat zullen zijn de hoogere loonen te betalen. Zijn zij hiertoe niet bij machte, dan zal óf de optrekking geheel falen, óf zij zal leiden tot het sluiten van „marginale" bedrijven (wier kostprijs geen verhooging meer toeliet) en dus tot het werkloos maken van de daarin tewerkgestelde arbeiders.

De wensch een goed werkgever te zijn is wel het meest gerechtvaardigde motief. Mits de gemeente, wanneer zij zich door dit motief laat leiden, de realiteit niet uit het oog verliest, kan in een daarop gebaseerde arbeidspolitiek toch geen bezwaar tegen gemeentelijk bedrijfsbeheer worden gezien. Het ware immers te wenschen — een wensch, die door aanhangers van alle politieke richtingen zal worden gedeeld — dat binnen de grenzen van het economisch mogelijke in de maatschappij aan alle werknemers een goed loon en een behoorlijke rechtspositie zouden kunnen worden

l) Ook een kapitalist als Ford is van die meening.

Sluiten