Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bevalling

87—88

Bevalling

spoedig barsten en een grootere of kleinere hoeveelheid vruchtwater wegloopt.

Het „breken van het water” noemt de volksmond dit oogenblik. Het komt voor, dat dit reeds gebeurt, zonder dat de moeder van te voren zelf iets gemerkt heeft; meestal volgt ook dan al spoedig de verdere uitdrijving, al kan het voorkomen, dat op een dergelijk vanzelf breken van de vliezen een wekenlange pauze volgt. Om het besprokene en het volgende nog eenigszins te verduidelijken, (zie kunstdruk bijlage). Men ziet dus, dat het kind, bij de baring, van uit de buikholte, waarin het gedurende de heele zwangerschap met de baarmoeder een plaats gevonden heeft, via de bekkenholte naar buiten moet komen. De ingang van de bekkenholte wordt bekkenring genoemd.

Doordat het hoofd van de vrucht (bij de normale ligging) dadelijk bij afloopen van het vruchtwater in de bekkenring geperst wordt, blijft het vruchtwaterverlies aanvankelijk beperkt, hetgeen voor het verdere vlot verloopen van de baring van belang is en waarom het voor de vrouw een vaste regel is, na het breken der vliezen, liggeiid het verdere verloop af

te wachten; d.w.z. zoo min mogelijk overeind te komen. Het eerste wat er daarna gebeurt is, dat de openingvanden baarmoedermond maximaal groot wordt (men drukt dit wetenschappelijk zoo uit: dat de „ontsluiting volkomen” wordt) en de baarmoederholte met die van de langzamerhand zeer gerekte scheede een doorloopende wordt. (Over de bijzonderheden van het kind daarbij zie bij Geboorte). Door de voortdurende kracht der weeën, naderhand versterkt door het (onwillekeurig) persen der moeder, wordt tenslotte de vrucht uitgedreven. Zij is dan nog steeds door den navelstreng met de baarmoederwand (beter gezegd, met de nog aan dien wand vastzittende moederkoek) verbonden. Deze moet dus eerst doorgeknipt worden (tusschen twee van te voren gemaakte onderbindingen) . Na enkele minuten treden er dan weer weeën op, die thans ten doel hebben de moederkoek, de z.g. nageboorte, van den baarmoederwand los te woelen en langs denzelfden weg uit te drijven. Na afloop trekt de baarmoederspier zich zeer sterk samen. Dit is van het allergrootste belang, als men bedenkt, dat alle, door het verwijderen

Sluiten