Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den van het leven niet opwegen tegen het onheil, dat in mindere of meerdere mate toch niemand bespaard blijft, en zij zullen zoo mogelijk afzien van kinderzegen. Er zou een tijd kunnen komen, waarin een vrijwillig uitsterven als een edele daad wordt beschouwd, vooral dan wanneer men een kind verlangt te bezitten, maar de grootste liefde daarin ziet om het nieuwe schepsel niet aan een vreugdeloos leven vol angst en gevaar bloot te stellen, en dan tenminste de zekerheid heeft, dat deze ellende met het eigen leven ophoudt.

Kankeraars zullen steeds probeeren om in troebel water te visschen. Maar het R. o. L., op Christelijker) grondslag en in dien geest opgebouwd, beteekent zoo'n groote stap voorwaarts, dat kwaad gezinde partijen, al zijn ze nog zoo sterk aaneengesloten, het niet meer kunnen omverwerpen. Geen agitator zal meer hij honderdduizenden gehoor vinden, als hij zegt, dat de eene een luxueuze auto, een prachtig kasteel of een Rembrandt bezit en de andere niet. Want de afschuwelijke, onchristelijke strijd om het bestaan is dan verdAvenen. Ook de revolutionairen hebben dan bereikt, waarvoor zij streden. Niemand zal meer de verleden tijden terugverlangen, maar een ieder zal later hoogst verbaasd zijn, dat het R. o. L. niet reeds lang de wereld veroverde.

De kroon der schepping waartoe wij ons uit den oertoestand door het R. o. L. zullen ontwikkelen, is volgens onze voorstelling in zijn innerlijk hulpvaardig en doet mensch noch dier nutteloos lijden, zoodra wij ons verkeerd denken laten varen is de weg voor nooit gedachten vooruitgang vrjj. Dan kunnen wij beginnen met de strikken van de natuur en het bedriegelijke vernis van onze cultuur te ontleden. Eerst dan zullen wij volkomen inzien, dat de menschen een geheel vormen, dat wij als raderen van een uurwerk afhangen van elkaar. Zelfs wanneer het geen liefde maar groot egoïsme zou zijn, dat ons leert, dat al het leed van anderen op ons zelf kan terugvallen, ook dan zijn wij op den rechten weg.

De mensch tracht steeds een afzonderlijke plaats in de natuur in te nemen, hij wil een hooger staand wezen dan het dier zyn, waarvoor hij zeer zeker de hoedanigheden bezit, maar hij moet inzien, dat wanneer hij niet het ver-

Sluiten