Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De productieverhoging kan in twee gevallen tot stand komen n.1.:

A. wanneer men in staat is meer goederen voor de productie te laten samenwerken;

B. wanneer men door een ,,uitvinding" in staat is met dezelfde hoeveelheid aanwezige goederen meer te produceren.

Wat het onder letter A genoemde geval betreft, moeten we drie mogelijkheden onderscheiden: de onderlinge verhouding,

volgens welke de productiegoederen samenwerken, kan n.1.

door bijvoeging van meer productiegoederen:

i°. beter worden,

2°. de verhouding kan gelijk blijven.

3°. de verhouding kan slechter worden.

Wanneer genoemde verhouding beter wordt, doet zich het verschijnsel voor, dat de stijging van de opbrengst groter is dan de stijging van de kosten (hoeveelheid productiegoederen).

Blijft de verhouding dezelfde, dan krijgt men het verschijnsel,

dat de opbrengst van de productie evenredig stijgt met de kosten.

Wordt de verhouding slechter dan krijgt men het verschijnsel,

dat de opbrengst minder stijgt dan de kosten.

In verband met de drie mogelijkheden, hierboven genoemd,

kunnen zich dus drie uiteenlopende verschijnselen voordoen: i°. de meerdere stijging van de opbrengst.

2°. de evenredige stijging van de opbrengst.

3°. de mindere stijging van de opbrengst.

Het verschijnsel van de meerdere stijging van de opbrengst Meerdere doet zich voor in het volgende geval: wanneer een landbouwer ^e'o'pbrèngst niet met zijn tijd is meegegaan en bijvoorbeeld geen kunstmest gebruikt, is er dus verbetering mogelijk in de verhouding,

volgens welke hij de productiegoederen laat samenwerken. Hij produceert dus met te weinig kapitaalgoederen. Wanneer hij nu voor ƒ 20,— kunstmest gaat kopen, zal zijn productie misschien zodanig vermeerderen, dat de opbrengst ƒ 60,—

meer waard is dan in vroegere jaren, toen hij nog geen kunstmest gebruikte. Zijn uitgaven voor de productie zijn dan misschien met 5 % gestegen en de opbrengst zelf met bijvoorbeeld 15 %. De opofferingen, welke voor de productie nodig waren en de opbrengst, zijn dus beiden gestegen, maar de stijging van de opbrengst is groter dan de stijging van de kosten.

Sluiten