Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

coöperatie. Deze coöperaties zijn het eerst in Duitsland ontstaan. Wanneer zij gevormd worden door landbouwers worden zij Raiffeisenbanken genoemd, naar den man, die in het midden der 19e eeuw daarvoor propaganda heeft gemaakt in Duitsland. In Nederland zijn er meer dan 1200 van dergelijke banken door landbouwers opgericht (boerenleenbanken).

In Indië is in 1915 door een Koninklijk Besluit, dat een Coöperatie getrouwe copie was van de wet op de coöperatieve verenigingen in Iodlc' in Nederland van 1876, de oprichting van coöperatieve verenigingen mogelijk gemaakt. Dit K. B. is thans vervangen door de ordonnantie van 1933. Deze regeling heeft niet veel succes gehad. Door uitheemsen werden slechts weinig coöperaties opgericht, doordat er geen behoefte aan een dergelijke bedrijfsvorm bestond en door de inheemsen niet, want de formaliteiten die moesten worden verricht waren tamelijk omslachtig en kostbaar. Bovendien bleek, dat vele inheemse coöperaties mislukten door gemis aan deskundige leiding en voorlichting. Om deze redenen heeft de wetgever in Indië in 1927 bij ordonnantie een afzonderlijke regeling gegeven voor coöperaties, die door inheemsen of inheemse verenigingen (coöperaties) zouden worden gevormd. Volgens de regeling van 1933 is voor de oprichting van een coöperatie een notariële acte nodig, de acte moet worden gepubliceerd in de Javasche Courant, worden ingeschreven in een register bij het Residentiegerecht en de goedkeuring van de acte moet worden gevraagd aan den Gouverneur-Generaal.

De ordonnantie van 1927 zegt nu, dat de acte van oprichting ook onderhands kan geschieden en ter goedkeuring moet worden gezonden aan den Adviseur voor Volkscredietwezen en Coöperatie. Deze ambtenaar zorgt voor de verdere formaliteiten,

zoals publicatie en inschrijving in openbare registers. Wanneer de coöperatie eenmaal volgens de voorschriften van 1927 is opgericht, blijft zij onder toezicht staan van personen door den Adviseur voor Volkscredietwezen en Coöperatie aangewezen. Deze personen kunnen advies geven voor de inrichting der administratie en moeten het financi le beheer van de Inlandse coöperaties controleren. De ordonnantie op de Inlandse coöperaties noemt in art. 6 enige eisen, waaraan de acte van oprichting moet voldoen om te worden goedgekeurd.

Sluiten