Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Veronderstellen wij bijvoorbeeld, dat een landbouwer in het bezit is van vier broden.

Wanneer hij slechts twee broden zou bezitten, zou hij deze gebruiken als voedsel voor zich en zijn gezin. Een derde brood zou hij niet meer als voedsel voor zich en zijn gezin kunnen aanwenden, zodat hij het als veevoer gebruikt en wanneer men hem nog een vierde brood zou verstrekken, dan zou hij dat aan zijn kippen geven. Indien hij dus vier broden heeft, zal hij bij verlies van één brood, onverschillig welk exemplaar, het voeren van zijn kippen stopzetten; het voeren van de kippen is het geringste nut, dat van het bezit van één brood afhankelijk is en dit geringste nut noemt men het grensnut.

De subjectieve waarde, die men hecht aan één exemplaar van een goed, waarvan men meerdere exemplaren heeft, staat in verband met het grensnut, dat door het goed kan worden gesticht. Hoe meer exemplaren iemand van een bepaald goed tot zijn beschikking heeft, des te geringer zal dat grensnut worden en des te geringer zal dus ook de subjectieve waarde worden, welke hij aan één exemplaar hecht1).

In verband met de subjectieve waarde, die aan een bepaald goed wordt gehecht, zal ieder een zekere prijs kunnen noemen, die hij hoogstens voor een bepaald goed zal willen betalen. Bijvoorbeeld: iemand, die reeds 6 paar schoenen heeft, zal voor een 7e paar hoogstens ƒ 3.-— willen betalen, maar iemand, die nog in het geheel geen schoenen heeft, zal voor één paar misschien wel ƒ 10.— willen geven. Deze prijs zou men kunnen noemen: de vraagprijs, dat is de prijs, waarvoor men de goederen hoogstens wil kopen, waarvoor de goederen ,,gevraagd" worden. De vraagprijs hangt dus samen met het grensnut, dat door een bepaald goed kan worden opgeleverd. De vraagprijs zal dus dalen, naar gelang men. meerdere exemplaren van een goed krijgt en de vraagprijs zal stijgen, wanneer er minder exemplaren ter beschikking komen. Ook door wijzigingen in de menselijke behoeften kunnen grensnut en vraagprijs van de goederen wijzigingen ondergaan.

Kostprijs. Tegenover de behoeftebevrediging, die door een bepaald goed wordt teweeggebracht, staan de opofferingen, die voor

*) De subjectieve waarde, die men aan één exemplaar van een bepaald goed hecht, waarvan men meerdere exemplaren heeft, wordt daarom wel genoemd: de grenswaarde.

Sluiten