Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij voelde nergens lust toe. Seffe verlangde naar de zon, maar de sombere luchten weken niet. De dagen waren kort, in de straten hing een grijze mist die alles killer en verlatener maakte.

Door wandelingen in de bosschen trachtte hij zijn moeheid te verliezen, maar de vochtige stammen en de magere takken opgestoken naar de mistroostige lucht wekten hem niet op. De trieste tooneelen van terechtstellingen wilden niet uit zijn gedachten verdwijnen, soms dacht hij: ik heb te veel gezien om ooit nog vroolijk te kunnen zijn.

Wanneer Dolf 's middags vrij had nam Seffe hem mee, maar Dolf's kreten klonken angstig schel in het leege bosch, hij rende de heuvels op en af, waarom wil Seffe nu niet krijgertje spelen? Dolf, hier komen en stil nu... Seffe ergerde zich aan Dolf's vroolijkheid, maar hij wist ook dat het jaloezie was. En wanneer hij dacht aan Louise en Hanz wier korte leven op zoo'n vreeslijke wijze eindigde dan kon hij nauwelijks zijn tranen bedwingen, hij schaamde zich, misschien denken ze dat ik hen in de steek laat. En Dolf begon het al gauw te vervelen, hij ging liever spelen met z'n vriendjes, vervelende Seffe.

Sluiten