Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En terwijl hij langs de deuren liep, 22, 24, 26, 28... bedacht hij dat ziekenhuizen de weinige plekken op aarde zijn waar liefde is en waar de menschen met opzet het goede willen. Toen hij bij kamer 30 was hoorde hij daarbinnen stemmen en een kermend geluid. Hij bleef staan en luisterde. Hij hoorde een mannenstem kalmeerend spreken. Ook hoorde hij vlugge voetstappen, zuster legt u de deken over z'n hoofd, zoo, voorzichtig aan maar. De deur ging open. Een verpleegster reed een ziekenwagentje de gang in waarop gestrekt onder de witte deken een gestalte lag, kermend. De dokter in een witte jas haastte zich weg. Verbouwereerd bleef Seffe staan kijken. Het gekerm sneed hem door de borst, hij voelde zich beklemd en angstig, waarom moeten de menschen zoo lijden, waarom, waarom... het was ineens of hij daar zelf lag, of hij daar zelf, kermend, werd weggereden... misschien om te sterven. En als een verschrikkelijk visioen ging het door zijn denken dat in de oorlog duizenden zoo lagen op de slagvelden, kermend onder de meest helsche pijnen van stukgeschoten armen en beenen of langzaam verbrandend door de gifgassen.

Kamer 36.

Sluiten