Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er groeit geen grasje teveel

in d'onafzienbare steppen,

geen zandkorrel is overbodig

in d'onmeetlijke woestijn.

Elk ding heeft zijn plaats en zijn recht

in 't oneindig universum;

door te zijn, helpt ge alle andren het dragen,

vormt samen met hen het geheel.

Geen stoQe is overbodig!

Hoe zou dan een mensch 't kunnen zijn,

een levende ziel, een vonk van

der Alziel goddelijk vuur?

God heeft alle zielen noodig,

al weten wij niet waarvoor.

Zooals de soldaten die vallen

bij het begin van den slag,

mede zijn gang bepalen

en wie zal worde' overwinnaar,

zoo dragen allen en allen

bij tot het uiteindelijk doel.

Noodig zijn zij, die jong sterven

en die worden laat gesloopt;

die vastberaden hand'le en

die lijdzaam ter zijde staan.

Noodig zijn sterke' om te schragen,

voorbaarge' om voor uit zich te storten,

tragen om tegen te houden,

strijdvaard'ge om te breken den weerstand

van voorrecht, vooroordeel en macht;

verliefde' op den nieuwen vorm

die klopt aan den wand van het leven;

verkleefde' aan den ouden, waar iets van

Sluiten