Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVERWEGING IN NEDERLAND VAN VERDERE VOORBEREIDING

teiten zou men veeleer hebben te zien bestuurders in hoogeren zin, belast met de algemeene leiding van het uitvoerend gezag, wier werkkring en wier ambtelijke positie als zoodanig, in hun ressort, meer een afspiegeling zouden zijn van die van den Landvoogd in het geheele insulaire gebied.

Een zoodanige decentralisatie echter zou uiteraard slechts gerechtvaardigd zijn wanneer èn in den persoon van den gewestelijken bestuurder èn in de toerusting van het gewestelijk bestuursapparaat de noodige waarborgen werden gevonden voor een goede vervulling van een dergelijke taak. Die waarborgen nu waren, gelijk betoogd werd, alleen te verschaffen bij splitsing van het grondgebied van Nederlandsch-Indië in enkele weinige gouvernementen.

Wat den omvang van die administratieve decentralisatie en den tijdsduur der totstandkoming betrof, zou aan de practijk het antwoord zijn te laten. Naast een aantal aangelegenheden van minderen omvang zou zij, naar de Regeering zich voorstelde, verschillende tot dusver aan de beslissing van den Gouverneur-Generaal of van de Departementschefs voorbehouden zaken op agrarisch en ander gebied omvatten, waarvan in de Memorie verscheidene voorbeelden werden genoemd.

De bestuurders der nieuwe afdeelingen, die eveneens van aanmerkelijk grooteren omvang zouden zijn, zouden, met uitzondering o. m. van hetgeen bepaaldelijk met de gewestelijke bestuursleiding verband hield, hun ambtelijken werkkring allengs zooveel mogelijk in gelijker voege geregeld zien als die der vroegere „residenten", met verleening van de ruimste mate van zelfstandigheid, die zonder de regelmatige werking van het geheel in gevaar te brengen onder het algemeen gezag van den gouverneur hun toegekend kon worden.

Intusschen sprak het vanzelf, dat door een en ander niet te kort gedaan zou mogen worden aan de algemeene verantwoordelijkheid van den Gouverneur-Generaal en dat derhalve zekere, over het geheel tot de hoofdlijnen beperkte, bemoeienis van de Centrale Regeeringsorganen onvermijdelijk zou blijven.

Financieeie Overgaande tot de financieele gewestelijke decentralisatie, verdecentrahsa- kiaar(je de Memorie van Toelichting, dat in gelijken trant als de destijds bestaande gewesten, voor welke het tweede lid van artikel

Sluiten