Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IS HET MET DEN DOOD UIT?

Is het met den dood uit?

Maar met deze verdieping van het „leven" hangt ook samen de belijdenis, dat het met den dood dan niet uit kan zijn. Is de band met God er eenmaal, dan zal ook de dood dien niet kunnen verbreken. „Zou Hij mij dooden", zegt Job, „ik zou toch op Hem hopen" (13 : 15).

Dan moet ook het sterven voor den rechtvaardige en den goddelooze verschillend zijn. De goddelooze heeft geen verwachting, Spr. 11 : 7. Daarentegen zal de verwachting voor den rechtvaardige niet afgesneden worden. Heel duidelijk is hier Spr. 14 : 32: „De rechtvaardige betrouwt zelfs in zijn dood". In het algemeen is de dood een vloek, een oordeel, een ongeluk. De goddelooze wordt neergestooten in zijn ongerechtigheid. Hij heeft geen toekomst. Maar de rechtvaardige heeft een toevlucht zelfs in zijn dood.

Omdat er een band is met God voor den rechtvaardige, daarom behoeft deze niet te vreezen, ook al moet hij den dood ingaan, want Jahwe houdt hem vast en zal hem eenmaal uit de dooden doen opstaan.

Zoodoende krijgt „leven" al meer de beteekenis van „eeuwig leven".

Eeuwig leven.

Deze uitdrukking „eeuwig leven" kómt maar eenmaal voor in het O. T. n.1. in Dan. 12 : 2. Wel vinden we uitdrukkingen als: o, Koning, leef in eeuwigheid, maar hier wordt niet anders dan een lang en gelukkig leven bedoeld. Verder lezen we een paar maal, dat God zegt, dat Hij leeft in eeuwigheid en dat Hij aan Zijn volk den zegen d. i. het leven tot in eeuwigheid zal geven, maar de combinatie „eeuwig leven" vinden we alleen in Dan. 12 : 2. Het woord „eeuwig", zooals dat in het O. T. voorkomt, wordt gebruikt

Sluiten