Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grijnzend en vele malen vergroot had aangestaard, kromp in tot normale en in het geheel niet beangstigende natuurlijkheid. Ze ademde bevrijd op.

Langzaam dreef de schuit voorbij. Het was maar gewoon water. Wat kon het weten? Er was geen verschrikking .... er was geen geheim .... je hoefde niet bang te zijn .... en niets hield je vast.

— Als er ijs kwam —, had ze dan wel gedacht, — hoefde je alleen maar je eigen tuin door te loopen en je zou zoo op de gracht kunnen gaan rijden. —

Ze had dit gedacht en geglimlacht.... den weemoedigen glimlach van wie oud is en zich verteedert over het lang voorbije.

— Schaatsen rijden .... het lag zoo ver terug

in een verleden, dat je versluierd zag .... bijna uitgewischt. Was dat werkelijk eens geweest? Kon ze niet meer door deze nevelen dringen en terugkeeren tot de lichte dagen? Kon het niet meer licht worden?

— Als er ijs komt, hoef je enkel maar je eigen tuin door te loopen en je kunt zoo op de gracht gaan rijden —, trachtte ze dan een realiteit te scheppen, maar ze geloofde niet werkelijk aan haar eigen woorden.

Er kwam trouwens geen ijs.

Allengs voelde ze zich niet meer zoo beklemd door de ingeslotenheid van het huis. Vroeger was het meest essentiëele van een huis voor haar altijd het uitzicht geweest. Waar je naar toe kon gaan .... wat in de verte lag .... dat was voor haar „het ware".

De Blauwe Horizon 6

Sluiten