Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of het nu onafhankelijk een eigen leven leefde. De menschelijke invloedssfeer, die overheerschend had behooren te zijn .... die het huis tot een kreatuur van de menschen had moeten maken scheen zwak en krachteloos.

Andere invloeden, onnoembare, heimelijke machten bepaalden de sfeer van dit huis en dezen schaduwigen tuin.

Gerard Berkhof wist dit niet in woorden uit te drukken, hoe welsprekend hij anders ook mocht zijn. Maar in instinctief verweer tegen het mysterieuse, dat dit vage onlustgevoel in hem wekte, had hij zich een tuinkabouter aangeschaft. Deze, een plomp, dikbuikig kereltje met het gezicht van een vulgairen pater-goedleven, waaraan de lange witte baard tevergeefs iets waardigs trachtte te geven, met een schelroode puntmuts op en een schelrood buis aan en broek en beenbekleeding van een groen, dat vloekte met iedere door de natuur voortgebrachte kleur groen, stond nu op het gazon in de nabijheid van den bloemenstandaard.

Gerard Berkhof evenwel putte uit de aanwezigheid van dezen kabouter, die toch ongetwijfeld van een geruststellende, substantiëele burgerlijkheid was, niet de voldoening, die hij ervan verwacht had. Zonderlinger wijze scheen de kabouter iets van de onbegrensde zelfverzekerdheid, die hem in den winkel zoo sympathiek en begeerenswaard had gemaakt, verloren te hebben, zoodra hij in den tuin was geplaatst. Hij stond er, alsof

Sluiten