Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glanzend hel de eene vleugel van den paradijsvogel kleurt, dan glijdt ze weer binnen den blauwen kelk van den droom. Haar smal, ingevallen, wit gezichtje glimlacht teeder in de oogen van den droomliefste, die

haar daar wacht.

— Er moet weer een kind komen, maar het verontrust haar niet, want het is immers „niet waar".

Sluiten