Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maria

Neen, Petrus — niet alzo. Hier is geen schuld. Hier bleef Slechts liefde; maar die God ineens zoveel ontnam, Dat alles haar verloren schijnt. Hij heeft een strijd, Die niemand heeft voorzien; die zijn geloof verwart. Maar wees gerust. Eens keert Zijn vrede weer in ’t hart. Dat zó met Hem verbonden was. Eens komt zijn tijd.

Petrus

Weet gij, hoe mij de Heer van Satans invloed sprak, Toen in mijn waan ik dacht, dat Hij niet lijden zou, Omdat Hij Christus was? Hoe slechts door diep berouw Ik Hem hervond, toen ik mijn woord aan Hem verbrak En Hem verloochende?

Maria

Ik weet het.

Petrus

Zou dan niet

Door Satan ook zijn twijfel zijn? Dat plotseling Ontvluchten van zijn taak niet een verlochening? Ook hij beloofde Hem zijn trouw. Waarom ontziet Gij dan Johannes? Zeg, dat hij mij volgen moet;

Dat Christus ook van hem slechts vraagt gehoorzaamheid En dat hij door het werk, waarheen ik hem geleid, Zal komen tot zichzelf.

Maria

De Heiland wist zo goed, Waarom Hij altijd weer hem aan zijn zijde vond En hoe zijn ziel ook nu door liefde slechts geneest. Steeds is Hij voor Johannes ’t meest bezorgd geweest. En nog aan ’t kruis dacht Hij aan hem en aan de wond, Die daar geslagen werd. Toen heeft Hij het gewild, Dat door mijn moederhart zijn lijden wordt gedeeld, Totdat de morgen komt, die ook zijn wonden heelt En voor zijn bang gemoed de strijd en stormen stilt.

Sluiten