Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vernield in puin, eindelooze straten van woonhuizen ingestort, zonder een levend wezen, en op de pleinen stapels wit gebeente. Menschen? vroeg ik. Geweest, antwoordde mijn geleider.

Ik merkte dat het avond was aan een ster die naast het overblijfsel van een toren begon te schitteren. En ik vroeg dien ouden man: Waarom is die mooie stad, die bijna een heele wereld was, verwoest en zonder leven? Domheid, Pothui, niets dan domheid. Wij waren niet slecht, maar dom. Maar een troost hebben wij behouden, dat er tenminste geen menschen meer geboren kunnen worden.

Hierin heeft hij zich tot ons geluk vergist.

Menschen, nu vraag ik jullie, hebben jullie ooit zoo iets gehoord? Een stad als een wereld door domheid tot een woestenij gemaakt?

De zaal was al rumoerig geweest, driftige toehoorders hadden al geschreeuwd: Onzin! Praatjesmaker! Maar bij zijn laatste woorden, toen hij zeide dat de ruïne van een wereld aan zulk onschuldig iets als domheid werd geweten, geloofde niemand hem. De bezadigdsten zeiden: Zeker bestond er vroeger meer domheid dan nu, maar dat een heele stad door niets dan domheid een hoop puin en knekels werd, vol goud en

Sluiten