Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

„Dan wilt u dat voor ons wel wijzigen,” zei meneer de Kooi en hij hield de deur voor Els open. De jongetjes sprongen schichtig opzjj.

„En hoe vind je ze?” vroeg vader Verschoor.

„Een nare vent,” zei Els. „Die jochies zijn bang voor ’m. Maar we zullen ’m wel klein krijgen.”

Meneer Verschoor lachte. „Zo moet je maar beginnen met je gasten.”

„En hij wil om kwart voor één lunchen,” zei Els. „Hij kan niet wachten tot één uur.”

„Nu, dan om kwart voor één.” Meneer Verschoor haalde zijn schouders op. ,,’t Komt er niet zoveel op aan, vind je ook niet?”

„Maar Vader, er moet toch een regel zijn in ons pension?”

„Nou, dan stel je die regel op kwart voor één.”

Kloppen op de deur van de huiskamer. Daar was meneer de Kooi alweer.

„Pardon. Heeft u geen warm stromend water?”

„Neen, meneer de Kooi,” antwoordde mevrouw Verschoor, „maar u kunt zoveel warm water krijgen, als u nodig hebt. Wanneer u het even vraagt, brengt het meisje het wel boven.”

„Dat is jammer,” zei meneer de Kooi. „Ja, dan had ik graag een flinke hoeveelheid. Ongeveer drie liter. Dank u.”

Hij maakte een korte buiging en ging de trap weer op.

„Wat een engerd, hè?” zei Els.

„Ja kind,” zei meneer Verschoor nogmaals. „Het pad van een pensionhouder gaat niet over rozen. We zullen nog wel méér meemaken, voor het half September is.”

Kathe bracht een grote kan warm water naar boven en daarna was het een tijdje rustig. Om half een kwam de hele familie de trap weer af. Meneer de Kooi keek op zijn horloge en zei:

Sluiten