Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELS NEEMT DE LEIDING

Juffrouw Kortenaar was niet vriendelijk meer. Ze ergerde zich ontzettend.

„Nou Mien,” zei ze. „Da’s nou onzin, ’t Is alleen, omdat je niet weten wilt, dat je zo doof bent.”

Hier liet Joop een geluid horen als een nijlpaard, dat in nood verkeert. Meteen stond ze op en rende met een vuurrood hoofd door de achterdeur naar binnen. Juffrouw van der Blonk keek verwonderd op, toen zag ze, dat de tranen over Wils wangen liepen. De oude dame kneep haar ogen dicht en snoof. Ze scheen iets te begrijpen. Kordaat stond ze op en liep de gang in. Toen Els haar terug zag komen met de zwart-zijden zomermantel, die kwistig bedekt was met groene strepen, begreep ze, dat alles verloren was.

Uit de keuken klonk haar een huilend ge-oeoeoeh van Marie tegemoet. Kathe zat plat op de grond en Joop kon geen vin meer verroeren.

„Ik krijg stuipen,” gilde ze. „Ik kan niet meer! Ik krijg ’r wat van!”

„Joop!” zei Els streng, „Joop, hou op!”

Nu kwam Wil ook nog aanlopen en ze kon van het lachen haast niet spreken.

„O, ze hebben vreselijke ruzie,” hikte ze, „want Mien zegt dat Agaath met ons samen heeft gedaan, om haar te plagen.”

„Joop!” zei Els weer. „Hou alsjeblieft op.” Ze stond te stampvoeten van kwaadheid. „Je moet je excuses gaan maken!”

Maar Joop verstond haar niet eens. Ze was slap van het lachen. Toen nam Els de spons en drukte die in Joops toet. Waarop Joop de natte zeemleren lap nam en er Els mee om haar oren sloeg.

Het werd zó’n kabaal in de keuken, dat meneer Verschoor verwonderd zijn hoofd om de deur stak. Kathe, die nog steeds op de grond zat, schrok er van en stond gauw

Sluiten