Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

punt uitgezocht bij de kruising van twee wegen, even voorbij de suikerfabriek, waar de stijging van de grote weg begint. Daar is verkeer in vier richtingen — en een druk verkeer. Iedere karrevoerder, die de tocht naar beneden achter de rug heeft, houdt bij de waroeng even halt om van de inspanning te bekomen, terwijl hij, die de stijging nog voor de boeg heeft, er frisse krachten opdoet. Ja, Joesoep heeft het goed bekeken, toen hij hier zijn nerinkje opzette. Hij verdient flink en heeft het voor een inlander tamelijk breed. Toch doet hij zelf weinig aan zijn zaakje. Hij laat alles aan zijn vrouw, Maryam, over. Joesoep vindt, dat het voldoende is een waroeng te hebben opgezet. Het drijven van de zaak staat hem maar weinig aan. Hij is er ook niet zoo geschikt voor. Als ernstige, van nature tamelijk zwijgzame Javaan, kost het hem moeite met de spraakzame, lichtzinnige Soendanezen te snappen over alles en nog wat. Neen, daar is zijn Soendanese vrouw, Maryam, beter voor geschikt. Die komt nooit stof tekort voor een babbeltje — ze is van de vroege morgen tot de late avond in de weer, heeft voor iedere klant een opgewekt woord en lacht vrolijk om de grapjes, die de klanten maken. De waroeng van Maryam is tot ver in de omtrek bekend en de Inlanders spreken dikwijls af elkaar daar te treffen, als* ze een flinke tocht voor de boeg hebben, die ze gezamenlijk willen maken.

Het is eigenlijk héél verwonderlijk, dat het waroengvrouwtje altijd zo opgewekt is! Lang voor de eerste koelies naar de suikerfabriek gaan — dus midden in de nacht is ze al op, om koffie te koken. En 's avonds laat, als de dorpsbewoners van een danspartij komen, zit ze nog in haar stalletje, omdat er altijd wel mannen zijn, die nog strootjes willen kopen, of vrouwen, die dorst hebben. Maryam heeft bij haar werk een goede

Sluiten