Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen Fred terugkwam, hadden de andere jongens de wagen al op gang gemaakt. Met een vervaarlijk geknal schoot die de weg op. De soldaat keek eens, wie er allemaal in zaten.

„Hallol" riepen de jongens. Daar lachte de man eens om. Jongens waren jongens en hij mocht die schelmen wel!

Toen de auto de overweg van het spoor naderde, wees Freddie naar een keurig opgeschilderde woonwagen, die op het zijspoor stond vastgekoppeld aan een paar goederenwagens.

„Ze zijn er nog," riep hij. „Moeten we je netjes voor de deur afzetten ?”

Goeie hemel, dacht Tom. Daar zouden die mensen even raar van opkijken!

„Liever niet," riep hij. „En jullie moogt toch de lijn niet

n n»'1

De gewonde bewoog zich onrustig.

Sluiten