Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vest zijn afgegraven* Hoe vind je dat ? Je zult je geboorteplaats niet meer kennen, als je er terugkomt. Er zijn electrische trams aangelegd en het ziet er precies uit, of het een grote stad is. Maar de mensen zijn hetzelfde gebleven, hoor, al wonen er nu wat meer.”

Tjokke, tjokke, tjokke, toet, toet, toet. De Rode Ben kwam ien goeden pastoor storen in zijn lezing. Die oude wagen bracht jijn vrachtje toch maar weer veilig naar het kamp. Hij was met >en vaartje langs het verenigingsgebouw gereden. Tom had nog jen glimp gezien van de straat, waarin Freddie woonde ; toen bad hij gedacht, dat Fred weer regelrecht op de fabriek aanstuurde, maar onverwacht was de car opzij gezwaaid en over een weg, die bijna geen weg was, diep het veld in gehobbeld.

Tom herademde, toen de fabrieken en de huizen goed en wel achter hem lagen.

„Nu ga je toch naar het kamp,” schreeuwde Freddie. „De andere jongens zullen daar ook gauw komen.”

Zou Sandyman dat kamp kunnen vinden? dacht Tom. Hij keek nieuwsgierig om zich heen. Die heuvels daar vóór hem had hij nog nooit gezien. Hé, daar dook de toren van een kerkje op. Verrassend. Het was vlak bij, maar door het heuvelachtige van het terrein had hij het niet eerder gezien. Er waren twee huizen bij. Die spiegelden in een meer. Ja, om die kleine meertjes moest de streek hier beroemd zijn. Tom had er nooit eerder een van gezien.

Pater Timmermans keerde zich naar de jongens en zwaaide vrolijk met zijn kalotje ten groet.

Tom keek verbaasd naar zijn lange toog. Die arme Tom had ook nooit van zijn leven een priester gezien.

„Wie is dat ?” vroeg hij.

„Reverend father Timmermans,” antwoordde Freddie, die

Sluiten