Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN VERRASSENDE ONTKNOPING

baar trots op het feit dat zijn personeel de Rijkspolitie te slim af was geweest.

„Hebt U iemand gearresteerd?”, vroeg inspecteur Blok.

„Ja, matroos Faber heeft hier drie kwartier in arrest gezeten.”

„Heeft drie kwartier in arrest gezeten?”, vroeg oom Henri waakzaam.

„Ja.”

„Wilt U daarmede zeggen dat U den man weer hebt laten gaan?”

„Neen, neen. Hij is in goede handen. Op transport naar een veilige verblijfplaats.”

De achtervolgers herademden. Gelukkig! Stel je voor dat de commissaris den man weer losgelaten had.

Inspecteur Blok scheen de geschiedenis echter niet te vertrouwen, want hij vroeg: „En de parel?”

„De parel?” '

„Ja.* Deze heer hier”, zei de inspecteur, op oom Henri wijzend, „is een kostbare parel ontstolen.”

„Dat weet ik natuurlijk. Daarvan was sprake in het bericht.”

„Juist. Hebt U dat juweel hier?”

Het gelaat van den commissaris toonde verbazing.

„Hier?”

„Ja.”

„Ik zei U toch dat de man op transport gesteld is, inspecteur.”

„Dat zei U. Neem mij niet kwalijk als ik onbeleefd ben, commissaris, maar ik ben bang dat een....

„Wees niet bezorgd, inspecteur”, viel de commissaris den inspecteur in de rede; „het kleinood is in handen van den ambtenaar, die den matroos heeft meegenomen.”

„Een ambtenaar, commissaris.”

„Ja, iemand met een aanstelling en een volstrekte volmacht van het Departement van Justitie.”

Een ogenblik stond inspecteur Blok als versteend. De stilte In de kamer: yan den commisaris werd bijna hoorbaar. Toen

Sluiten