Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN VERRASSENDE ONTKNOPING

Breda uit.

Naar de grens.

Hans en Kees wisten niet goed welke houding zij moesten aannemen. Zij durfden niets te vragen, bang dat hun woorden geen goede indruk zouden maken. Nu de gehele onderneming op het punt stond te mislukken, voelden zij weer zwaarder hun eigen aandeel aan die mislukking. Als zij beter op dien vreemdeling gelet hadden, hem niet zo onvoorwaardelijk hadden vertrouwd, dan was er niets gebeurd, dan had oom Henri zijn parel nog en zou Mr. Williams niet zo’n groot verlies geleden hebben.

„Het is ook onze schuld, oom”, zei Hans als een berouwvolle zondaar.

Dat scheen oom Henri zijn oude energie terug te geven.

„Jullie schuld’»’, antwoordde hij, terwijl hij zich veerkrachtig oprichtte, „jullie schuld is het niet. Er is hier geen sprake van schuld. Slechts een samenloop van omstandigheden en.... een onderschatten van den vijand. Niemand had aan zulk een geniale brutaliteit durven denken.”

Dat was waar. Door zich uit te geven voor politieman én door gebruik te maken van een valsche volmacht, waren alle deuren voor hem ontsloten geworden en had hij vrij spel gekregen overal waar hij verscheen.

„In ieder geval is ’t een kerel”, mompelde oom Henri.

Die woorden verbaasden de jongens. Zij zeiden dat ook openlijk.

„Leer de handigheid van je tegenstanders altijd waarderen, jongens. Moed en durf, zelfs in den tegenstander, moet je altijd op prijs stellen. Dat is sportief. Wij hebben beiden gespeeld, jullie vreemdeling en ik. Een moest er verliezen, dat -is nu-eenmaal de regel van het spel. Het ziet er naar uit dat ik dit ben. Dachten jullie dat Henri Bakker geen verlies kon dragen?”

„Het is een kostbaar verlies, oom.”

„Hoe groter het verlies is, dat wil zeggen hoe sterker het

Sluiten