Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BESLUIT

ik met mijn boot, de boot die mijn medewerkers hadden achtergelaten, naar het bewuste schip voer en aan boord wist te komen, kwam ik precies te laat. Ik vond mijnheer Bakker bewusteloos op het dek liggen en ik kón wel als feit aannemen, dat de parel hem ontstolen was. Wat moest ik doen? Iedere minuut treuzelen betekende een grotere kans voor Faber om te ontsnappen. Toen deed ik het eerste de beste wat mij inviel. Ik maakte alarm, zond een S.O.S. uit en begon de achtervolging van den dief, overtuigd dat op mijn noodsein voldoende hulp voor den heer Bakker zou komen opdagen.

„Onze vriend Faber bleek een handige kerel te zijn. Doch toch. niet zó handig, dat hij de door U gewaarschuwde politie kon ontsnappen. Ik zag hem in de cel van het Bredase politiebureau voor het eerst. Daar vertelde de slimmerd mij dat hij wel gepakt was, maar dat daarmede de parel nog niet in mijn bezit zou komen. Wat te doen? Het was natuurlijk prachtig dat wij den dief hadden, maar wat bereikten wij daarmede zonder de parel? Ik deed een brutale zet. Qaf voor, Faber op transport te stellen en wist van den commissaris toestemming te krijgen den man mee te nemen. Ik bracht hem tot op enkele kilometers van de grens en deed hem een voorstel. In ruil voor het wijzen van de plaats waar hij de parel verborgen had, zou ik hem zijn vrijheid geven. Hij ging op mijn voorstel in, vertelde mij de plaats en.... toen kwam inspecteur Blok met zijn revolver en riep: „Handen omhoog!”

De luisteraars herademden, toen de heer Westwood zweeg. Het was een interessant verhaal geweest. De anderen konden nu best begrijpen, dat de beide jongens zich door den heer Westwood hadden laten „beetnemen”. Immers, daar aan de Maas, in het nachtelijk donker, was alles veel geheimzinniger geweest. Nu, in het nuchtere licht van een mooie zomeravond, waren de gebeurtenissen en de intrige vrij eenvoudig. Hans en Kees waren misschien het prettigst gestemd. Want uit het verhaal dat de vreemdeling gedaan had was nu zonneklaar bewezen, dat zij niet zo dom gedaan hadden als zij eerst wel gemeend hadden.

Sluiten