Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Fijt. 15.

De armen liggen gestrekt tegen het lichaam. De handpalmen zijn naar het lichaam gekeerd.

De eerste armbeweging is nu aldus :

De armen worden langzaam gebogen, zoover dat de handen, welke bij de beweging niet van het lichaam verwijderd worden ongeveer tot aan de lendenen omhoog glijden.

De tweede beweging is het strekken der armen met horizontaal geplaatste handpalmen, zoodanig dat ze ongeveer op schouderhoogte komen te liggen.

De derde beweging is het draaien der handpalmen verticaal, dus loodrecht op het watei, en de armen strekken in den oorspronkelijken stand, dus terugbrengen tegen de dijen.

De vereeniging van die arm- en beenbewegingen is minder moeilijk dan het borstzwemmen, omdat de bewegingen gelijktijdig plaats vinden. Fig. 15, 16 en 17 geven aan hoe het lichaam bij de afzonderlijke bewegingen schematisch er uit ziet.

Sluiten