Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat beest ken ik, dat moet je schieten!" Bij de laatste pijl klinkt het weer: „Wat schiet je met deze pijl?"

„Buffels," luidt het slimme antwoord.

Nu krijgt Awaruwape een geweldige lachbui, die wel drie uur duurt; hij knijpt z'n ogen dicht, rolt over de grond van 't lachen. De jongen maakt gebruik van deze gelegenheid en vlucht uit het kamp; als Awaruwape in zijn tijgerhuid hem achterna komt, draait de jongen vlug om een boom heen, en nog eens. Eindelijk kruipt hij het kreupelhout in, waar de reusachtige tijger hem niet volgen kan; die moest onverrichter zake langs zijn jachtpad weer terug naar zijn kamp.

„En hoe is het verder met dien jongen afgelopen?" vraagt Ro, terwijl hij rondkijkt, of hij elk ogenblik verwacht, hem in hun kamp te zien.

„Heeft hij nog leren jagen?"

„Dat vertel ik je een volgende keer", zegt Prince.

Maar de jongens zijn zo nieuwsgierig en vragen met zoveel aandrang, dat hij toegeeft.

„Toen de jongen weer op de plaats kwam, waar de anderen hem Zouden ontmoeten, vond hij niemand meer; jagers weg, boot weg, vuur uitgedoofd, cassave-brood meegenomen! Hij wilde huilen, maar zijn ogen bleven droog. Hij kreeg het koud en maakte vuur.

„Hoe?" vroeg Max, die dit ook wilde leren.

„Ik denk met murewa."

„Wat is dat?"

„Een liaan, waarmee je vuur kunt maken."

„Ja, maar hoe?"

„Gewoon, je neemt een stuk, wat in de zon goed gedroogd is, tussen je handen, houd het met het ene einde tegen een boomstam en je begint te draaien; dan begint het te rafelen en die rafels vatten vlam.

Freddy werd ongeduldig. „Maar hoe ging het nou verder met dien jongen, die niet jagen kon?"

„Die was dood-ongelukkig, taaide zijn hangmat heel hoog in een boom en wenste te sterven. Toen hoorde-ie opeens Kunawaru, de grote boomkikker, roepen: wa.... wa.... Zou die hem kunnen helpen? Hij schreeuwt: „Kunawaru, kom me helpen, ik kan niet jagen i"

Ineens zwijgt de kikker en verandert in een mens (natuurlijk weer

Sluiten