Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ga dan naar den bootsman toe en vraag hem, wat je vader gezegd heeft/'

Erg nieuwsgierig was Max wel en bang voor de melaatsen was hij niet; maar wat zou de dokter er van zeggen? Deze scheen iets gehoord te hebben, want toen Max van het stuurbankje in de kajuit kwam, keek hij op van zijn boek en vroeg: „Wel?"

Max besloot het er op te wagen: „Dokter, mogen we achterin komen? Ik moet den bootsman wat vragen."

„Ga je gang, maar niemand aanraken en als je terugkomt, was voor alle veiligheid even je handen daar in die bak met sublimaat.

't Klonk zo eenvoudig na wat de motorist allemaal gezegd had, dat Max met grote ogen den dokter bleef aankijken.

Deze glimlachte. „Vindt je dat zo gek?"

„Juist niet, maar ik dacht — hoe zit dat nou eigenlijk met die besmettelijkheid?"

„Als we dat precies en zeker wisten, dan waren we een heel stuk verder, boy! Voorzover we nu weten, is melaatsheid zeer zeker besmettelijk. doch de baccil, die ze overbrengt, kan maar heel kort buiten het menselijk lichaam leven en alleen door een wondje in het bloed komen. Dat is dus het gevaar: als je een wondje, b.v. aan je hand hebt, melaatsen aanraken op een plaats, waar ze open wonden hebben!"

„Anders niet?"

„Voor zover we weten, niet; daarom kan het van de ene kant gebeuren, dat iemand jaren en jaren met melaatsen omgaat, zonder zelf melaats te worden, terwijl van de andere kant die dagelijkse omgang, vooral voor ondeskundigen, ook een dagelijks bezwaar voor besmetting is. Daarom moet je altijd diep respect hebben voor mensen, die melaatsen willen verplegen; al zijn ze deskundig, ze zijn altijd in gevaar, juist bij het verbinden, wat soms zes of acht keer per etmaal moet gebeuren! Daarbij komt, dat melaatsen niet altijd de aantrekkelijkste en dankbaarste patienten zijn! Maar ga gerust achterin en praat wat met de zieken ook; dat is weer een kleine afwisseling voor hen op de lange reis."

't Was niet de eerste keer, dat de jongens melaatsen ontmoetten, maar nu ze er een twaalftal in die kleine ruimte bijeen zagen, de meesten deerlijk misvormd, raakten ze er zo diep van onder de indruk, dat ze in 't begin aan geen bootsman of wat ook dachten. Voelden ze zelf het scherpe contrast, dat ze vormden? Twee stevige, gezonde,

Sluiten