Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Wel ja, die zijn ook niet voor de poes. Ze hebben immers hun wapens nog bij zich.

— Hoe lang moeten wij nu nog doorrijden, Mr. Grinley?

— We zijn nu niet meer zoo ver van Gloomy-water af.

— Hoe zegt U dat?

— Gloomy-water.

— Zoo, maar hoe kunt U dan zeggen, dat er nog nooit een mensch is geweest, terwijl men er al een naam aan gegeven heeft?

— Och, meneer.... hahaha....

De petroleum-koning zat een beetje verlegen, quasi-geestig te lachen, maar in werkelijkheid zat hij erg leelijk in het nauw. Hij was dan ook erg dankbaar, toen zijn broer hem uit de penarie haalde, door te zeggen:

— Denkt U nu een grapje te maken, Mr. Rollins?

— Grapje? Neen, het is mij volkomen ernst. Hoe is het mogelijk....

— Maar als Mr. Grinley dien naam er voor het gemak nu eens zelf aan gegeven heeft, is het dan nog zoo verdacht?

— Daar had de bankier niet op gerekend.

— Oh., he.. ja., dan is het natuurlijk heel wat anders.

— Ach ja, zei Grinley met een geeuw en stond op om wat hout te gaan zoeken.

Blijkbaar wilde hij het zoo pijulijk gevaarlijk geworden gesprek niet langer voortzetten en ging hij nu een eindje rondloopen, om aan alle mogelijke verdere vragen van den toch nog achterdochtige bankier te onkomen.

Maar dan moesten Old Shatterhand en Winnetou maken dat zij wegkwamen, anders werden zij ontdekt. Zij stonden dus heel erg langzaam en voorzichtig op en slopen zoo snel zij konden weg.

Zonder een enkel woord te zeggen sloop Winnetou in de richting, waar de paarden stonden en hij nam zijn paard bij de teugels. Met één hand de struiken uiteen halend stapte hij er in, en pas wanneer hij een heel eind in dat boschje was doorgedrongen, sloeg hij een holstertje in den grond en bond zijn paard daaraan vast.

Old Shatterhand deed hetzelfde. Steeds zijn beiden van één gedachte, steeds begrijpen zij elkaar en weten wat zij van plan zijn te gaan doen, wanneer er slechts een enkele beweging of gebaar over gemaakt is.

— Dat zij nu de paarden weghaalden was een heel logische zet, want nu waren de dieren veiliger geborgen dan eerst, waar gras was. Mochten de reizigers bij het opbreken den volgenden dag soms langs die plek komen, dan zouden zij de sporen hebben gezien van een nachtleger van twee ruiters en dat mocht volstrekt niet.

Nu haalden zij hun paarden weg en daardoor had het gras gelegenheid en tijd om zich weer op te richten, zoodat er den

Sluiten