Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beginnen met verkennen, gingen zij achter een paar groote steenklompen liggen wachten op het vallen der duisternis.

Zij waren er echter nog geen tien minuten, toen Winnetou plotseling uitriep:

— Teschi, tlao tschate

Hetgeen beteekent: Kijk, een troep reeën!

Het waren eigenlijk geen reeën, maar leken er veel op. Het was een soort antilopen, dat door de jagers met grooten ijver wordt achtervolgd, omdat het zulk heerlijk vleesch heeft.

— Dat is erg jamer, vond Old Shatterhand.

— Dat we nu niet kunnen jagen, ja.

— Neen, dat bedoel ik niet.

— O, omdat er nu menschen achter aan zullen komen en die zullen ons dan moeten ontdekken.

— Juist, dat komt heel ongelegen.

Helaas, nauwelijks had hij die woorden uitgesproken, of daar zagen de twee vrienden een viertal ruiters aankomen, die blijkbaar achter de dieren zaten.

Gelukkig zaten de twee mannen achter die steenen goed verborgen, maar wanneer de ruiters achter de reeën aan gingen, zonder zich om den wind te bekommeren, die hen wel eens verraden kon, dan moesten zij de plek passeeren, waar Old Shatterhand en Winnetou lagen te kijken.

Maar de Indianen waren slim genoeg om met den wind rekening te houden en zij namen dus een anderen weg dan de dieren.

Even keken de beide vrienden elkaar aan en toen begrepen zij elkaar; want zonder verder iets te zeggen, stond Old Shatterhand op en sloop naar de plaats waar de ruiters langs moesten komen.

Winnetou was eveneens opgestaan, maar hij ging een anderen kant uit en nadat zij elk aan een zijde stonden van den doorgang die de vier ruiters op het pad lag, richtten zij zich op en namen het geweer ter hand.

Daar kwamen zij; twee aan twee reden ze tamelijk snel op het boschje toe, waar de twee jagers opgesteld stonden.

Nog waren ze slechts een meter of twintig van hen verwijderd toen Winnetou even knikte. Dat was het sein, want meteen stapten beide mannen uit het boschje te voorschijn en hielden hun geweren op de ruiters gericht.

— Halt! bulderde zijn stem over de vlakte, zoodat de Indianen er zichtbaar van schrokken. Zij hielden hun paarden in en de paarden van Winnetou en Old Shatterhand steigerden en stonden vlak voor de dieren van de Indianen stil.

— Waar wil het opperhoofd Ka Maku heen?

Zijn stem dreunde en de hoofdman was heelemaal niet, zooals men van een wilde hoofdman mocht verwachten.

— Old Shatterhand Winnetou! stamelde hij.

— Waar blijft Uw antwoord?

— Kom, ga op zij, nu is het heerlijke vleesch voor ons ver-

Sluiten