Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet eens vuil te maken aan u, want er waren niet twee, maar drie Navajo's. De derde zal wel weten, hoe hij dergelijke moordenaars moet behandelen.

Hij grijnslachte en de drie blanken werden er koud van. Dus zij konden nu ongestoord doorrijden, maar de schaduw des doods zou hen achtervolgen en.... inhalen, daar was geen twijfel aan.

Met een gebiedend gebaar wees de hoofdman hen, dat zij moesten vertrekken, al wilden zij wellicht nog iets zeggen om het goed te maken, moesten zij wel wegrijden, al was het dan ook, alsof zij den dood tegemoet reden.

Langen tijd reden zij naast elkander voort zonder een enkel woord te zeggen.

Eindelijk echter deed Grinley een poging, zich zelf te rehabilliteeren:

— Die roode ellendelingen zijn toch maar altijd even onbetrouwbaar.

— Ja, stemde Rollins met hem in, ik moet niets meer van hen hebben.

— Ze vergeten elke daad, die je aan hen bewezen hebt.

— Maar wat we zooeven hebben ondervonden, dat vind ik toch wel een beetje alle perken te buiten gaan.

— Ja, daar kun je nu eenmaal niets aan doen.

— Maar, zei Baumgarten, wat we alzoo hebben beleefd, is allemaal de schuld van Mr. Grinley.

— Maar die roodhuiden zijn een erg onbetrouwbaar volk, dat zeg ik je, zei Rollins.

Het bleek dus wel, dat de bankier nu voor Grinley opkwam, dus daar liet hij mee zien, dat hij het van die twee Indianen niet zoo erg vond, dat zij waren vermoord, maar dat hij misschien niet zou kunnen doorgaan naar het petroleum-meerdat vond hij des te erger.

De boekhouder echter had nu eenmaal zijn verdenkingen tegen den petroleumkoning en daar kwam hij nu niet meer van af.

— Hoe langer ik over die zaak nadenk, des te meer vragen komen er in mij op.

— Waarover nadenk? vroeg de bankier hem.

— Over die bevrijding van ons uit het pueblo.

— Zou er dan iets niet mee in orde zijn geweest?

— Daar zal ik nu maar niet over beginnen.

— Mag ik ook weten, welke vragen er in u opwellen? vroeg Grinley, die zijn eer in gevaar zag komen door de verdachtmakingen van dien boekhouder.

— Ik zou ze u zeer zeker kunnen zeggen, want u bent wel de man ervoor om die te kunnen beantwoorden, maar ik zal het maar niet doen.

— Waarom niet?

— Omdat het zeer twijfelachtig is, dat ge die vragen zult willen beantwoorden.

Grinley zweeg verder, omdat hij maar al te blij was, dat

Sluiten