Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen begon Winnetou:

— Hier zitten vier krijgslieden; wie van hen zal spreken?

Weer verliep er een volle minuut, toen zei Nitsas-Ini:

— Onze broeder Old Shatterhand heeft geen bloed gewild; hy mag spreken.

— Hauwgh! zeiden de anderen.

Old Shatterhand wachtte even en begon toen:

— Mijn broeders weten dat ik een vriend der Roodhuiden ben.

Hij keek den kring rond en alle drie de anderen knikten

zwijgend.

Mijn roode broeders weten ook dat mij hun zaak zeer ter harte gaat. Het doet mij veel verdriet dat de roode volkeren zich onderling zoo slecht gedragen kunnen want zij verzwakken hunne geleedren en worden daardoor des te sneller ten ondergang gedoemd door het blanke ras, dat op hun rijkbeladen landen loert. Mijn broeders mogen zeggen of ik gelijk heb.

— Hauwgh! zeiden alle drie.

— De roode mannen moesten allen broeders zijn en nu komt het zelfs voor dat twee volken van een stam, die der Apachen, elkander ten ondergang brengen. Mijn broeder Nitsas-Ini moet mij zeggen waarom hij tegen de Nijora's opgetrokken is.

— Omdat zij den strijdbijl hebben opgegraven.

— Goed. Nu kan Mokaschi mij ook wel zeggen waarom zijn krijgers de Navajo's wilden vernietigen.

— Omdat zij den strijdbijl hebben opgegraven.

— Merkt gij wel, vrienden en broeders, wat er gebeurt? Ik wil weten waarom gij ruzie hebt en gij noemt mij geen reden maar slechts een feit, de oorzaak ervan weten wij dus nog niet.

Hij wachtte een korte pooze om zijn woorden te laten inwerken en ging toen door:

— Mijn broeder Nitsas-Ini is een beroemd krijger. Hij weet dat het roode ras weldra zal zijn uitgeroeid wanneer het zoo doorgaat, daarom heeft hij een anderen weg ingeslagen en zijn volk in vrede opgevoed. Hij heeft een blanke squaw genomen en zijn zoon over het groote water gezonden naar de scholen der bleekgezichten. Hij maakt zijn land vruchtbaar en heeft nooit ruzie met zijn buren. Waarom heeft hij zich plots veranderd? Wenscht hij het bloed van zijn medemenschen?

— Oef! Dat wil ik niet!

— Dat heb ik wel geweten. Anders ware gij mijn vriend niet geweest. Maar nu Mokaschi, de hoofdman der Nijora's, hij moet toegeven dat hij ten doode opgeschreven is. Maar wij wenschen zijn dood niet, wenscht hij het onze nog?

— Neen!

— Mokaschi is een verstandig man. Dus beide opperhoofden wenschen niet het bloed hunner medemenschen? Waarom zullen wy dan nog langer praten? Wanneer er geen bloed gewenscht wordt, kan er ook geen sprake zijn van vijandelijkheden.

Weer keek hij den kring rond, allen zaten toestemmend te knikken.

Sluiten