Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet vermoeden kant van Lucie's wezen ontdekt, een nieuwe verborgenheid.

Zouden we dan allemaal zoo zijn? vroeg Mia zich af. Terwijl we hier prettig en vroolijk bij elkaar zitten, toch allen vol verborgenheden, allen met meer ernst, verward in meer moeilijkheden dan we elkaar willen toonen? En Brecht ook? En Janna en Teunis met de geweldige voorbereidingen voor den bruiloft, alsof het alleen ging om dien éénen dag van eten en drinken, van dansen en feesten, zouden die toch iens, op schreien af, blij van binnen worden, als ze elkaar 's morgens ontmoetten op 't paadje langs het korenveld ?

— Zit je ons stilletjes te hoonen, Mia? vroeg Rekx, of denk je aan iets heel pleizierigs? Je kijkt met zoo'n verholen pret in je oogen.

Ze gooide het verflauwde gesprek plotseling over een gansch anderen boeg en zei vroolijk: „Ik dacht aan Teunis en Janna, de dochter van onzen naasten buur, die de volgende week trouwen; we zijn allemaal op de bruiloft gevraagd."

— Een boerenbruiloft?

— En van je welste! Zezijnnualbezigkrentenbrooden en tulbanden te bakken, en ik weet niet hoeveel hammen en worsten en spekken er van den zolder worden gehaald.

— Gaan jullie?

— Ja, we willen veel te graag, zei Lucie; we hebben beloofd te helpen met de versieringen; Mia had een zeer artistiek ontwerp gemaakt van sparretakken en lijsterbessen en bloeiende kamperfoelie voor den geur

Sluiten