Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze wil meer zeggen en blijft de hand van Lucie vasthouden .... Ze weet niet, hoe ze het zeggen zal.... daar hoort ze mevrouw de trap opkomen en nu haastig, zegt ze:

„Juffrouw, oe mot bidden!... "

Lucie knikt en blijft haar met haar betraande ogen aanzien; een vriendelijke glimlach verspreidt zich over haar gezicht.

Dat is nu de Vodden-prinses.... een grote dankbaarheid welt op in haar hart. Ze voelt zich nu zo licht.... zo blij .... Ja, bidden! Ze heeft het al gedaan. Veel zelfs, o zo veel.... in die bange nachten ... Maar 't is of ze nu pas de rust, de zegen er van voelt. Zeker, nu zal 't anders worden. Dat nare, trotse hart is verbroken en ook dat andere, dat vreselijke, dat lijkt zo ver achter.... Ook dat zal terecht komen God zal haar niet verlaten!

Mevrouw heeft de bloemen in een paar vazen geschikt. De orchideeën in een smal zilveren vaasje, dat Ze vlak bij Lucie plaatst. Ze zijn zo mooi.

„Wat lijkt het nu feestelijk!" zegt mevrouw en Betje

straalt van geluk. Ook Lucie! Wel heeft ze haar ogen half gesloten, maar een gelukkige lach doet zien, dat het voor haar ook feest is.

't Wordt zo rustig van binnen!

Betje is weggegaan; mevrouw heeft haar handwerkje weer opgenomen en zit voor 't 't raam. Af en toe ver-

,Wat lijkt het nu feestelijk!"

Sluiten