Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Trotzli met zijn circus Pepermuis.

„Hallo, Hallo! Dames en heeren! Komt allen onze vertooning aanschouwen — gij zult uw eksteroogen niet vertrouwen. — Komt, hoort en ziet — wat hier in Ergenshuizen geschiedt...."

Lieve grut, wat was me dat weer een spektakel in het

dorp! Je kon wel zien, dat het carnaval was! Een vierwielige wagen wilde over de keien hobbelen, maar hij kwam niet vooruit; want de kinderen hadden de heele straat versperd. Voor den wagen stonden een leeuw en een ezel met slechts twee pooten, maar met lange staarten; de pooten leken verdacht veel op jongensbeenen, en de staarten op uitgerafelde scheepskabels. Op den wagen

zat een doofstomme invalide, die aan een oeroud orgel draaide, dat alleen maar van „Omhoog, omlaag, langs berg en dal...." kon spelen. Naast den doofstomme stond een blinde met verbonden oogen en een zwarten bril op zijn neus de krant te lezen. Een trede hooger stond boven op een sinaasappelkist „Prins Neus", want hij had een kromme neus van ongeveer 30 centimeter lengte. In de eene

Sluiten